Broddelen

Broddelen is een vloeiendheidsprobleem in het spreken en schrijven. Het spreken word gekenmerkt dooreen snelle, rommelige, aritmische spraak. Vaak ontbreekt de rode draad in het verhaal.

Opvallend zijn een slappe uitspraak en een hoog spreektempo, het ineenschuiven van woorden, bijvoorbeeld ‘tevisie’ in plaats van ‘televisie’. Ook stopwoordjes, snelle woordherhalingen en klankherhalingen zijn signalen van broddelen. Daarnaast komen moeilijkheden met het formuleren van gedachten voor.

Broddelen kan samen gaan met hyperactiviteit en een slechte concentratie. De luisteraar zal de persoon die broddelt vaak slecht verstaan en reageren met: “Wat zeg je?”. De spreker merkt wel dat er iets mis is met zijn spreken, maar hij weet niet precies wat. Broddelen is een stoornis in de communicatie. Doordat er herhalingen van woorden en klanken zijn lijkt het broddelen soms op stotteren. Een verschil met stotteren is dat de broddelaar zijn herhalingen en onduidelijkheden in het spreken niet opmerkt, de stotteraar meestal wel.

Er bestaan 3 soorten broddelen:

1. dysritmisch broddelen: moeite met ritme en planningsproblemen in de spraak.

2. dysfatisch broddelen: moeite met zinnen bouwen en de rode draad van het verhaal vasthouden.

3. dysartrisch broddelen; onnauwkeurige uitspraak zoals b/d-verwisselingen en telescopie.

Op latere leeftijd kan broddelen iemands carrière nadelig beïnvloeden, wanneer er hogere eisen aan de spreekvaardigheid gesteld worden. Dit geldt dan vooral voor mensen die broddelen en een spreekberoep hebben als verkoper, presentator of minister.  

85% van de broddelaars heeft een erfelijke component; naast 50% bij de stotteraars.

Er bestaan ook mengvormen van stotteren en broddelen.